Een belangrijk uitgangspunt voor het provinciaal toezicht is een reëel sluitende begroting voor 2018. Dit houdt in dat de begroting in evenwicht is, waarbij de jaarlijks terugkerende lasten zijn gedekt door jaarlijks terugkerende baten. Het is uiteraard wel mogelijk om in de begroting in één of twee jaren een deel van de reserves in te zetten voor de éénmalige uitgaven waarvoor ze zijn bestemd.

(x € 1 miljoen)

Lasten

Baten

Saldo

Programma Sociale Stijging

423,4

121,6

301,8

Programma Vestigingsklimaat

135,7

75,0

60,7

Programma Leefbaarheid

136,9

24,9

112,0

Programma Bestuur

45,1

62,5

-17,4

Totaal van de programma's

741,1

284,0

457,1

Algemene dekkingsmiddelen

7,0

478,5

-471,5

Overhead

69,6

0,1

69,5

Heffing vennootschapsbelasting (VPB)

-

-

-

Bedrag voor onvoorzien

-

-

-

Subtotaal programma's (inclusief algemene dekkingsmiddelen, overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien)

817,7

762,6

55,1

Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves

41,8

96,9

-55,1

Geraamd resultaat

859,5

859,5

0,0

Incidentele baten en lasten

91,3

90,8

0,5

Structureel begrotingssaldo

0,5 V

 In bijlage 5 is een overzicht opgenomen van de in de begroting 2018 verwerkte incidentele baten en lasten.